home
 
 Joseph Benoît Suvée, Zelfportret, 1771. Groeningemuseum Brugge

Nadat Joseph Benoît Suvée in 1768 tweede eindigde na François André Vincent, wint hij in 1771 de eerste prijs in de prestigieuze Prix de Rome te Parijs vóór Jacques Louis David met De strijd van Minerva tegen Mars. Terecht verkiest de jury van de Parijse academie de compositie van Suvée boven die van David. Zelfs David’s leermeester Vien opteert niet voor zijn leerling, maar wel voor Suvée omwille van de meer evenwichtige compositie.

Zowel het werk van Suvée als dat van David is geschilderd onder invloed van Boucher, en beide zijn dus volledig ingebed in de heersende traditie van barok en rococo. En toch is de overwinning van Suvée cruciaal voor de introductie van het neoclassicisme in Vlaanderen. Het behalen van de eerste prijs in de Prix de Rome is zeker een absoluut hoogtepunt in Suvée’s artistieke carrière, maar heeft ook nog een ander belang. Door het behalen van deze prestigieuze prijs verkrijgt hij

een uitzonderlijke appreciatie in zijn geboortestad. Zijn zege betekent voor Brugge dat het opnieuw op de artistieke landkaart staat. François Van den Steene (1736-1808), lid van de Brugse academie verwoordt dat later in een toespraak:’D’abord, Citoyen, vous [Suvée] avez été le premier qui ait fait connoître notre École dans la capitale’.
Tevens vormt het een aanzienlijke stimulans voor jonge Brugse kunstenaars om in Parijs hun opleiding verder te zetten. Suvée is in de Franse hoofdstad een landgenoot, die als gerespecteerd kunstenaar en leraar deel uitmaakt van het Parijse academische milieu.
Door zijn inzet voor jonge kunstenaars, in Parijs op het moment dat het neoclassicisme als nieuwe stijl wordt uitgewerkt, is Suvée als het ware de juiste man, op de juiste plaats, op het juiste moment. Het is zeker geen toeval dat van de 142 Zuid-Nederlanders die tussen 1765 en 1812 aan de academie te Parijs studeren, er 28 Bruggeling zijn, een aantal dat door geen enkele andere stad bereikt wordt. Suvée vervult een cruciale rol waardoor hij letterlijk en figuurlijk de deuren van Parijs, Rome en het neoclassicisme opent voor de Zuidelijke Nederlanden en Brugge in het bijzonder. Een grafschrift voor Suvée illustreert dit:
François André Vincent, Portret van Joseph Benoît Suvée, 1774. Groeningemuseum Brugge

 

De vreede Atroop heeft ’t puik der Schilders weg gerukt hy die de groene Jeugd met iever leerde en stichte in de fransche oeffen-School, tot Roomen onderrichte… Nu ligt de steun Pilaer der Schilders neêr geveld.



.